De val te veel

De eerste Tourweek en valpartijen. De onlosmakelijkheid is de jongste jaren jammer genoeg al te vaak bewezen. In de camper waar we Vive le vélo! voorbereiden hangt een deelnemerslijst. Daarop schrappen we elke ochtend wie uit de Tour is verdwenen. Nog nooit hebben we in de openingsweek zoveel strepen door rennersnamen getrokken: Bonnet, Dumoulin, Kozontchuk, Gerrans, Impey, Cancellara, Schillinger, Bouhanni, Bauer, Albasini, Martin, Henderson. Het was vrijdagochtend en we waren al een dozijn coureurs kwijt. Al bij al valt het nog mee als je de beelden van de zware val op weg naar Hoei hebt gezien. Aan topsnelheid leidt één foutje vaak tot dramatische gevolgen. William Bonnet maakte het en sleepte in zijn eigen miserie een half peloton mee. Dat er mensen zijn die de neutralisatie al op de korrel namen nog voor ze de reden ervan kenden, wijst op een totaal gebrek aan empatisch vermogen en een onweerstaanbare drang om in de belangstelling te staan. De integriteit van de renners die de plaats des onheils veilig waren gepasseerd kon niet meer worden gegarandeerd. Dan moet je de koers stilleggen. Een andere optie is er op zo’n moment niet. Een geluk bij een ongeluk was het dat Bonnet viel op vijfenzeventig meter van een betonnen elektriciteitspaal. Had hij dat vijftig meter verder gedaan waren de gevolgen misschien wel desastreus. Op zo’n moment beslist het lot en alleen het lot of er doden vallen. En we weten allemaal dat het fatum af en toe een willekeurig slachtoffer kiest. Jammer genoeg.

Donderdagavond zat Elke Weylandt, de zus van de in 2011 overleden Wouter, bij me aan tafel. Een indrukwekkende vrouw. Spontaan, intelligent en nuchter. Met heel veel sereniteit vertelde ze over het verwerkingsproces bij het verlies van een familielid in een wielerwedstrijd. Haar woorden maakten elke discussie over een neutralisatie op weg naar Hoei uiterst relatief. Een levensles voor alle Tourvolgers die wat last hebben van hun eigen spiegelbeeld. Naast haar zat Iljo Keisse, de boezemvriend van haar broer, vol bewondering te kijken. Kleine signalen zetten haar woorden kracht bij. Net voor het gesprek in de richting van Wouter ging, zag u thuis de beelden van een schilderes van de krijtrotsen van Etretat. Op dat moment kabbelden uit de draaimolen achter ons totaal uit het niets heel zachtjes de tonen van ‘Il Silenzio’ van Nini Rosso. Het nummer dat in de Giro als eerbetoon voor Wouter werd gespeeld daags na de fatale val en ook in de Sint-Pieterskerk in Gent weerklonk tijdens zijn begrafenis. Ik keek naar Iljo. Ook hij wist niet waar hij het had. De tonen van ‘Il Silenzio’ verdampten in het haventje toen het opnieuw aan ons was. Elke sprak en we hingen aan haar lippen. Toen het toeval het wiel ook nog eens op nummer 216 (twee keer 108) liet stoppen, heb ik aan tafel nooit eerder meer symboliek en warmte gevoeld.

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zaterdag 11 juli 2015)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s