Willie

‘Ik bemoei me niet met het privéleven van Marouane Fellaini. Hij moest zich om twee uur melden bij de Rode Duivels en hij was er. Voilà.’ De reactie van Marc Wilmots op het signalement van Fellaini in dancing Carré een uur of acht voor de training was geniaal in zijn eenvoud. Kampfschwein mag dan niet verfijnd klinken, de finesse van de ontmijner bezit deze bondscoach wel. De gespecialiseerde pers stond al klaar om van de speler van Everton het voorwerp van een zaak van staatsbelang te maken. Zelfs ik kreeg dinsdag tijdens een vergadering een telefoontje van een mens van de boekskes om mijn mening over ‘De zaak Fellaini’ te kennen en met de vraag of er dan geen gelijkenissen waren met Tom Boonen die ooit op het balkon van de Carré was gefotografeerd. Aan de andere kant van de lijn klonk ontgoocheling toen ik niet bereid was om mee te gaan in het non-verhaal. Met een onbeleefde zucht werd ingehaakt. Misschien maakt hij er toch nog iets van. Op zo’n momenten ben je blij dat er zeven mensen mee aan tafel zitten om als getuige op te treden.

Wilmots lijkt me voor een communicatie- en marketingdienst niet de meest kneedbare aller trainers, maar heeft het goed begrepen. Geen flauw gezever rond de Rode Duivels in een cruciaal jaar. Pas als ze met hun Porsche in een tankstation zouden binnenrijden – wat dan weer puur hypothetisch is – moet er worden ingegrepen. Maar aan hamburger- en discotheekincidenten gaan we ons toch niet meer storen. Die leiden de aandacht alleen maar af. En alle aandacht moet naar dat ene grote doel: Brazilië halen! Dat heeft Willie goed begrepen. Beter dan zijn voorganger van wie hij naar eigen zeggen niets heeft geleerd. Al durf ik dat te betwijfelen. De huidige bondscoach heeft van de vorige geleerd hoe het niet moet. De belangrijkste stelregel daarbij is dat problemen binnenskamers worden opgelost en dat ze vooral niet dienen om bevriende journalisten primeurs te bezorgen.

Dat Fellaini drie dagen voor een oefeninterland ’s nachts licht geblesseerd liever op zijn benen staat in de VIP-lounge van een discotheek in plaats van slaapt, is niet meteen verstandig. Ik zie het Vincent Kompany niet doen. Maar er een halszaak van maken in de aanloop naar een vriendschappelijk duel is niet nodig. Fellaini staat er ongetwijfeld als het moet. De kans dat net hij ons straks naar Brazilië kopt, is niet denkbeeldig. Misschien moeten de Rode Duivels tussen de belangrijke kwalificatiewedstrijden tegen Macedonië op 22 en 26 maart maar eens een avond vrij krijgen om samen op stap te gaan. Als ik ze dan toch één advies mag geven: vermijd de Carré. Daar lopen er een paar rond met een te losse tong.

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 10 februari 2013)

Advertenties