Eyjafjallajökull

Na de uitschakeling in de Beker van België van Club Brugge door Cercle Brugge op 28 november 2012 schreef ik deze column. Met de stadsderby van komend weekend in het vooruitzicht bedenk ik me nu dat de Kerstman niet in Lapland, maar naast je deur woont…

Echte cupmatchen. Vroeger waren dat wedstrijden met een zeer hoge intensiteit waarbij de kansen mekaar opvolgden. De sfeer van volle tribunes denderde als woeste golven over het veld en deed spelers boven zichzelf uitstijgen. Het gemijmer over een echte cupmatch is tegenwoordig alleen nog een nostalgische reflex. Bekerwedstrijden van nu zijn niet meer echt en worden voor bijna lege tribunes gespeeld. Gemiddeld nog geen 4000 toeschouwers. Een zeldzame uitschieter niet te na gesproken zijn bekermatchen het bekijken niet meer waard. De Cofidis Cup heeft dringend een injectie nodig. De toeschouwersaantallen geven aan dat de kredietlijn is opgebruikt. En zij die kwamen kijken, bleven als ijssculpturen aan hun koude bankjes vastgevroren.

Het enige lichtpunt van de voorbije bekerdriedaagse kwam uit IJsland, het lapje grond van de vulkaan met de onmogelijke naam waarmee je in de superprestige wel wat punten kan sprokkelen. Eidur Gudjohnsen charmeerde op maandag met een innemende glimlach en nuchtere kijk op de zaken in Extra Time en deed dat twee dagen later  nog eens met zijn baltoetsen bij de uitschakeling van Club door buur Cercle. Eidur, de zoon van de in Lokeren (138 matchen) en Anderlecht (139 matchen) beter bekende Arnor. Eidur, 34 jaar ondertussen, speelde 186 wedstrijden voor Chelsea (waarin hij 54 keer scoorde) en stond 72 keer in de eerste ploeg van FC Barcelona. Moet er een tekening bij? Topper! Zijn eerste baltoets leverde Cercle een voorsprong op. Club had de tijd niet om te denken dat het deze match niet mocht verliezen. Zwevend boven de afstotelijke grasmat devieerde Gudjohnsen de bal met de binnenkant van de rechtervoet naast Kujovic. Met de gratie van een krachtige eland (die je op IJsland overigens niet vindt). Nog zes keer kwam hij tijdens de hele eerste helft aan de bal. Evenveel keer kaatste hij het ding in één tijd naar een vrijstaande ploegmaat. Het soort voetbal dat we in België helaas te weinig zien.

Topclubs schrijven een 34-jarige speler die een jaar niet meer heeft gevoetbald genadeloos af. Daarbij voorbijgaand aan de uitzonderlijke klasse en de instelling van een mens. Het zijn niet allemaal volgevreten vedetten. Gudjohnsen zou voor elke (ja, elke!) Belgische club een meerwaarde zijn. Het pleit voor Cercle – al zal zijn voormalige kamergenoot bij de nationale ploeg Arnar Vidarsson een belangrijke rol hebben gespeeld – dat hij nu traint op de achterafveldjes van het voormalige Olympia. Hij is naar Brugge gehaald om de vereniging in eerste te houden. Ik garandeer het u. Als de Kerstman Eidur eind december niet ontvoert met een gouden slede kan Cercle onmogelijk degraderen.

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 2 december 2012)

Advertenties