(Dom)oortjes

Communicatie vanuit de volgauto is vandaag in Valkenburg niet toegestaan. De Internationale Wielerunie blijft op zijn eigen weilanden onduidelijkheid zaaien. De ene keer mag het, de andere keer niet. Voor consequente beslissingen moet je niet in Aigle zijn. We trekken er ons al niet te veel meer van aan. En het levert ook nog eens leuke verhalen op. Zoals dat van Leo Van Vliet. De Nederlandse bondcoach die als kind in een ketel met optimisme is gevallen. Zelden zo’n positivo ontmoet. Van Vliet zit straks niet in de volgwagen, maar in een armtierig torentje op de Cauberg. ‘De voorbije jaren voelde ik me gewoon taxichauffeur. Ik vind dat niet erg, maar probeer het deze keer toch efficiënter aan te pakken.’ In zijn torentje gaat hij de wedstrijd volgen op televisie, tactische richtlijnen worden per sms naar matrixborden langs het parcours verstuurd. In codetaal. Uiteraard, want Achtung! Feind hört mit!  ‘De geit is gemolken!’, ‘Avondrood water in de sloot!’ of ‘De kerk staat in het midden van het dorp!’ De boodschappen van Van Vliet zullen zo plastisch niet zijn. Bij de vrouwen kregen we al een voorsmaak: ‘5+6+8 A1’ lazen we op één van de borden. Waar het voor stond, hebben we het raden naar. Een ingehuurde vriend-hacker krijgt er kop noch staart aan. ‘Het systeem werkte wonderwel’, lieten de Nederlanders na de vrouwenwedstrijd weten. Tja. Met Marianne Vos in je ploeg kan niets mislukken.

We moeten hopen voor de Nederlandse selectieheer dat zijn renners onderweg de sleutels van de codes niet verliezen of het zou wel eens een vreemde namiddag kunnen worden. Uit voorzorg moet hij misschien de Aalsterse burgemeester uitnodigen in zijn toren. Kan hij, indien nodig, nog altijd met rooksignalen werken. We gniffelden eens toen het systeem van Van Vliet ons deze week ter ore kwam, maar toen hadden we Tom Boonen nog niet geïnterviewd. ‘Wij hebben ook iets’, verraste die. ‘Kan je misschien een tipje van de sluier lichten?’ ‘Nee, het moet voor jullie ook spannend blijven!’ ‘Tom, ik geloof je niet. Ik denk dat je met onze kloten aan het spelen bent!’ ‘Nee echt niet, dat zou ik niet durven!’, lachte hij. We weten al wat we moeten vragen straks na de wedstrijd. Met dank aan de afwezigheid van radiootjes en oortjes. Renners moet trouwens niet langer zeuren. Als ze de communicatiemiddelen wel mogen gebruiken, vertikken sommigen om dat te doen. Zoals Taylor Phinney afgelopen woensdag in de tijdrit. Hij reed zonder ontvangertje  – ‘Dat zit niet lekker onder een tijdritpak!’ – en verloor die met 5 seconden van Tony Martin. In dat soort gevallen spreek je niet meer van oortjes, maar van…domoortjes.
(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 23 september 2012)

Advertenties