Onze witten

Ik vind het moedig van hockeybondscoach Pascal Kina om Sofie Gierts niet mee te nemen naar de Olympische Spelen. Als ze contraproductief is voor het collectief neemt hij een terechte beslissing. Maar willen of niet. In Londen zal aan Sofie worden gerefereerd. Onnodig, want de Spelen van dit jaar zijn een onverwachte extra voor de Red Panthers. Een niet ingecalculeerde kans om ervaring op het hoogste niveau op te doen. Geen terminus. Uiteraard moeten ze het zo goed mogelijk doen, maar een Olympische medaille is een utopie. Met of zonder Gierts. Kina heeft zijn beslissing ongetwijfeld goed overwogen. Hij dreigt wel het slachtoffer te worden van de gammele communicatie van zijn federatie. Waarom laat die zoveel ruimte voor speculatie?

‘Ik ben een gebroken vrouw!’, is het enige wat blijft hangen. Gefundenes Fressen voor de mondiger wordende (maar vaak onwetende) sportliefhebber, de ideale aanzet voor Facebook- en Twitterterreur. Sofie Gierts in de slachtofferrol. Met de gebrekkige communicatie kon het niet anders. De zaak zal niet rusten tot de waarheid of een deel ervan naar buiten komt. De eerste lekken zijn voor binnenkort. Het lijkt me zelfs voer voor ‘de boekjes’. De vrouwenhockeyploeg spreekt meer dan een handvol specialisten aan. Het zou zonde zijn mocht het mooie verhaal er plots een worden van krabbende en bijtende vrouwen. Direct communiceren had de storm op een paar dagen kunnen doen liggen. Over het sportieve belang van Sofie Gierts spreek ik me niet uit. Drie doelpunten in de finale van het pre-Olympisch tornooi verleiden tot scorebordjournalistiek. Daar weiger ik aan mee te doen.

Er is zeker een correlatie tussen sportieve meerwaarde en de tolerantiegrens bij het niet naleven van afspraken. Toen ik ruim twintig jaar geleden kampioen speelde met de juniores van KVK Ieper hadden wij een onmogelijke gast in de ploeg, onze witten. Hij weigerde op te warmen in het trainingspak van de sponsor, sliep voor de match zijn roes al eens uit in de auto van een vriend voor de poort van ons stadion en ging een ei leggen (zoals hij het zelf plastisch omschreef) als de trainer aan de tactische bespreking begon. Maar in elke match liet onze witten drie flitsen zien en scoorde hij minstens één keer. Tot we op vijf matchen van het einde een voorsprong van zes punten uit handen dreigden te geven. Onze superman stond droog. Op vraag van de ploeg werd hij disciplinair geschorst. We hadden nood aan een gelijkspel op de laatste speeldag om kampioen te worden. Het werd 2-2. Het beslissende doelpunt viel in de toegevoegde tijd en werd gemaakt door…de vervanger van onze witten. Niemand is onmisbaar!

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 29 april 2012)

 

Advertenties