Dominee Gremdaat

Woendagavond moest ik in Dilbeek zijn voor een voorstelling van ‘Helden in de sport’. De angst dat ik de aankondiging van de 16e Elfstedentocht niet live zou meemaken bekroop me. Voorzitter Wiebe Wieling van de Koninklijke Vereniging Friesche Elf Steden ging om 19 uur in conclaaf met de rayonhoofden. Een persconferentie zou in de loop van de avond volgen. Het avondeten passeerde de slokdarm moeizaam. Ik zocht naar auguriën op Twitter, maar het bleef sinds de start van de vergadering stil. Was er dan niemand door het sleutelgat aan het kijken? De verhoopte livestream werkte niet en ik zonderde me af, tot een vriendelijk meisje me voorstelde om het televisietoestel in de hoek van de foyer aan te zetten.

Nederland 3. Erben Wennemars, Erik Hulzebosch en Mark Tuitert aan tafel in De Wereld Draait Door. Drie schaatsers hopend op de verlossing. Vooral Wennemars heeft het goed te pakken: ‘Ik wilde schaatser worden sinds 1985. Toen zag ik als 9-jarige jongen Evert Van Benthem de tocht winnen. Hij is mijn ultieme held!’ Die editie bezorgde ook mij de liefde voor het evenement. Ik was toen wel al 14 jaar. Verhalen over kwakende eenden, gravende mollen en visjes in het zand in correlatie met weersvoorspellingen volgden. Tot ze om acht uur, onverwacht snel, live naar Leeuwarden moesten. ‘De dame rechts kijkt sip! Het wordt niks!’, klonk het. ‘Zal ik alvast plaatsruimen voor dominee Gremdaat’, lachte Jan Mulder die ook aan tafel zat. Dominee Gremdaat was ingehuurd als zalver-met-dienst voor het geval de Tocht der Tochten toch niet zou doorgaan. En toen vulde Wiebe Wieling het scherm: ‘Ik heb geen goed nieuws!’ Vijf woorden waardoor een land uit de droom ontwaakte.

De dominee had ondertussen de stoel van Jan ingenomen en probeerde grappend het krakende ijs helemaal te breken: ‘Waarom doen ze een deel van het traject niet met de bus? In de Tour nemen ze toch ook het vliegtuig!’ Troost bracht hij niet. ‘Je wil in die kooi staan!’, stamelde Wennemars met tranen in de ogen tussen het gebrabbel van Gremdaat en je zag hem denken: ‘Hou nu toch eens je domme smoel! Als we niet in een televisieprogramma zaten, had ik al lang op je gezicht geklopt!’ Hij had het gewoon moeten doen. Ook typetjes moeten weten wanneer ze hun mond moeten houden.

Al jaren hoop ik dat het nog eens gaat gebeuren om vanuit Friesland een dagvullend televisieprogramma te  maken. Nu leek het eindelijk zover. De productie-oefening was gemaakt. Na de afkondiging van de tocht zou ik ’s nachts nog naar Leeuwarden reizen. Niet dus. Het halfuur tussen de ‘Njet!’ van Wiebe Wieling en het begin van de voorstelling was zwaar. Tot het in de kleedkamer tot me doordrong: ‘Doe eens normaal, man!’ In Griekenland staat de maatschappij in brand en in Syrië eist de onrust dagelijks doden. Al de rest is niet meer dan verblinding. Die tocht komt er ooit nog wel eens.

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 12 februari 2012)

Advertenties