Maandelijks archief: mei 2012

De ongelofelijke Thomas

‘Of hij zijn haar wou laten scheren voor het goede doel?’, vroeg ik Thomas De Gendt vorig jaar voor de uitzending van Vive le vélo! in de Provence. ‘Mijn vriendin heeft het niet graag, maar als ik daarmee kinderen kan helpen, doe ik het wel’, antwoordde hij. Tijdens de uitzending deed hij alsof hij het in Keulen hoorde donderen en met heel veel tegenzin de uitdaging aanging. Bijna gedwongen. Ik kreeg boze haatmails, verpakt als klachtenlitanieën, van aanbidsters: ‘Hoe durf je Thomas zo voor het blok te plaatsen? Laat zijn mooie haardos met rust. Voor jou is het niet moeilijk. Er staat bijna niets meer op je hoofd!’ Daar had ik niets van terug. Maar ramptoeristen heb je genoeg. De sms-en en de centen voor het goede doel stroomden binnen. De verantwoordelijken van Make-A-Wish zullen Thomas eeuwig dankbaar zijn voor de acteerprestatie.

De Gendt is een onconventionele coureur. Leeft niet in een artificiële wereld, laat staan dat hij die met hautaine gebaren gestalte moet geven. Integendeel. Thomas heeft lak aan protocol en wetenschap. ‘Ik trouw tijdens de Tour van 2012′, verbaasde hij in de Ronde van Frankrijk van vorig jaar toen we hem de kwaliteiten van de betere klassementsrenner toedichtten. De Giro dan maar. En hoe? Op de voorlaatste dag vierde en klaar voor het podium. Misschien meer. De raid over de Mortirolo en de Stelvio was waanzinnig. De spiegel van een vooroorlogs verleden werd ons plots weer voorgehouden. Net op de dag dat het hart van Tuur Decabooter langs de Schelde jammer genoeg stopte met kloppen voerde Thomas De Gendt één van de mooiste voorstellingen in tien 10 jaar moderne wielrennerij op. Dood en nieuw leven in een bijna opwindende gloed verbonden. De Gendt koerste zoals ze in de tijd van Tuur. Geen grote rekenoefeningen op de fiets, maar immer genereus in de inspanning. Wordt het niets dan hebben we toch ons best gedaan. Charme verpakt in extreme vermoeienis. Helemaal naar de stijl van het huis van de Vlaamse co-sponsor van de ploeg: De Ceuster Meststoffen. Familiebedrijf met noeste arbeid uit Kempense klei getrokken. In Grobbendonk liep vader Herman te ijsberen. Zoon Tom onderbrak een fietstocht met Geert Noels, Hans Bourlon en Wouter Vandenhaute. En zus Els werd vanuit de paardenstallen naar binnen gesommeerd. Hiervoor investeert deze familie al een paar jaar in het wielrennen.

Wel jammer van het mooie weer. Veel landgenoten hebben de hold-up bij klaarlichte dag van Thomas De Gendt gemist, maar niets zal ons weerhouden om voor de tijdrit van vandaag nog een aantal uren te verdwalen in bijna eeuwenoude verlangens. Het is van 1978 geleden dat een landgenoot de Giro won. De Gendt wordt net als De Muynck trouwens in twee woorden geschreven. Vai, Thomas! Nog 30 kilometer alles geven! Je weet maar nooit.

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 27 mei 2012)


Jean-Marie Pfaff

Waasland-Beveren staat op de drempel van de eerste klasse en Bayern München verloor gisteravond (onterecht!) de finale van de Champions League tegen Chelsea. Het maakt evenveel keer jeugdsentiment in me los. De herinnering aan een van de weinige posters op mijn kinderkamer is springlevend. Jean-Marie Pfaff in volle actie. Mijn held. Op het openbaar grasveldje voor ons huis vormde een pas aangeplante esdoorn de linkerpaal, de stoeprand de rechter. Mijn keeperstrui was dezelfde als die van Jean-Marie (de blauwe Adidas met schuine schaduwstrepen). Dat ik net als hem als 7-jarige uk ook krullen in mijn haar wilde, vond mijn moeder (gelukkig maar) een stap te ver.

Nergens woonden trouwens meer supporters van SK Beveren samen dan in de Groenestraat in Sint-Jan bij Ieper. Ver weg van het Waasland. Maar daar was een reden voor. De trainer van Beveren was één van ons. Wijlen Robert Goethals woonde amper een paar huizen verder. Schoorvoetend durfde ik wel eens aanbellen: ‘Of hij niet een paar handtekeningen kon bemachtigen?’ Robert was een slimme, brave en begripvolle man. Twee dagen later had hij echte foto’s van de spelers voor me bij. ‘Combori + Beveren = ijzersterk’ stond er boven de hoofden. De achterkant helemaal volgekrabbeld door Jean-Marie.

Het viel me op toen ik gisteren de Wikipediapagina van SK Beveren checkte dat in de zeventiger jaren alleen Urbain Braems als trainer stond vermeld. Het deed me pijn. Ik heb de pagina dan maar aangepast en Robert Goethals postuum de erkenning bezorgd die hij verdient. Het was onder hem dat SK Beveren in het seizoen 1978-1979 kampioen speelde en ten koste van Inter Milaan de halve finale van de Europabeker voor bekerwinnaars bereikte. Er volgde zelfs bij ons in de straat een kampioenenviering. In café ’t Hof van Commerce werd Robert in de bloemetjes gezet. Hij had Wim Hofkens meegebracht. Ik werd op de tafel geplaatst voor een Rik De Saedeleerimitatie: “Wim Hofkens, overstapje à la Piet Keyzer, en dat is em, dat is em! Stevens doet het opnieuw! En we kunnen het geen mirakel noemen, de beste ploeg gaat zich kwalificeren. Gelach in het café.

Na de successen in het provinciestadje zwermden de vedetten uit naar de grootsteden. Wim naar Brussel, Jean-Marie naar München. Dat waren tijden. Maar dan kwamen het Duits voor dummies, de hemdboordreclames, de potsierlijke passage als trainer van KV Oostende en 10 jaar De Pfaffs. Jean-Marie is verworden tot schertsfiguur. Onterecht. Mijn generatie weet beter. Pfaff was een wereldkeeper en zo wil ik me hem herinneren. Kunnen alle archiefbanden waar JMP op staat en die niets met voetbal te maken hebben met onmiddellijke ingang worden gewist! Waarvoor oprechte dank!

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 20 mei 2012)


FC Barcelona

De macht van het geld spot niet met de wetten van de sport. Die zekerheid hebben we nog. Het leek op financiële doping in het tussenseizoen. De Zwitserse ondernemer Andy Rihs kocht zich – naast Tourwinnaar Cadel Evans die al op zijn loonlijst stond – ook de (op papier) beste wielerploeg ter wereld voor het klassieke werk bijeen. Philippe Gilbert en Thor Hushovd kwamen Allesandro Ballan en Greg Van Avermaet vervoegen. Vier musketiers die van BMC het FC Barcelona van de koers moesten maken. Scoren met de ogen dicht. Mandje vol. Maar de vergelijking ging nooit op. Winnen bleek te moeilijk. Gilbert was een schim van de renner die Rihs dacht te hebben gekocht en Hushovd…heeft die eigenlijk al gekoerst dit jaar? Ja, maar wel in de donkere krochten van het peloton of er zelfs achter. Veroordeeld tot een rol in marge van het echte oeuvre. In de Giro deed het pijn aan de ogen. Gelost op elke brug over de snelweg en na zeven dagen, waarvan één een rustdag, al naar huis. Hushovd, in normale omstandigheden zaaier van aanvalslust, fietst al een heel voorjaar met kantoorbenen rond. Een renner die het vertikt om in de winter een stevige basis te leggen, moet de achtervolging op de toekomst inzetten. En dat is een zeer ondankbaar traject.

Multimiljonair Andy Rihs zag het ongetwijfeld anders toen hij de wereldkampioen van 2010 en de beste renner van 2011 astronomische loonvoorstellen deed. Hushovd en Gilbert leveren (voorlopig) geen waar voor dat geld. Het was de immer betrouwbare Cadel Evans die in het Criterium International voor een eerste succesje zorgde. Ballan was de beste in de Giro della Toscana en Phinney won de proloog en droeg drie dagen de roze trui in de aan gang zijnde Ronde van Italië. Een korte opmaat in een verder vooral vals klinkende symfonie. Andy Rihs is een minzame man, maar met grenzen aan het vermogen om te slikken. Ook al zwem je in het geld. Als je stielmannen inhuurt, wil je vakwerk zien. Hushovd en Gilbert kunnen het organisme de komende maanden maar beter uit slaapstand jagen. Een Olympische titel en een regenboogtrui doen een mager voorjaar moeiteloos vergeten. Daar zijn beide kampioenen zich ongetwijfeld van bewust.

En ondertussen kan Evans al zijn tweede Ronde van Frankrijk hebben gewonnen. Het zal de mens Rihs intens gelukkig maken. Meer dan business is wielrennen voor hem een vorm van escapisme. Ook al gaat het hier om een hele vriendelijke en aimabele man, ik ben er niet rouwig om dat de saus dit voorjaar niet heeft gepakt. Integendeel. Ik ben blij dat aan een belangrijke wetmatigheid uit de sport niet is geraakt: een ploeg koop je niet, een ploeg smeed je! Godzijdank!

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 13 mei 2012)


Herning

Mei 2047. Opa Mark Cavendish kijkt met één van zijn kleinkinderen op schoot naar de Ronde van Italië. De 9-jarige zoon van Delilah Grace staart met grote ogen naar zijn grootvader als die aan een opsomming begint: “Twee ritten in 2008, vier in 2009, drie in 2011, twee in 2012…” Het knaapje is nieuwsgierig: “Where was that, granddad?” “In Herning en Horsens!”, pocht grootvader. Het kind lacht en denkt dat er iets is mis is met het geheugen van de ouwe: “Etappes in de Ronde van Denemarken bedoel je allicht, opa?!”

De Giro 2012 is dus van start gegaan in Scandinavië. Drie dagen koersen en dan een rustdag. Idioterie. Dat Gent-Wevelgem start in Deinze, Parijs-Roubaix dat doet in Compiègne en de Tour af en toe eens een grens oversteekt. Daar kunnen we nog mee leven. Maar dat de Ronde van Italië naar Denemarken trekt, die van Spanje een paar jaar geleden in Nederland van start ging en dat in 2015 allicht nog eens doet én dat de Ronde van Frankrijk een Grand Départ in New York of Qatar overweegt, catalogeren we onder de noemer respectloze on- en waanzin. De leegte in het hoofd van organisatoren is groot. De hypocrisie nog groter. Het verketteren van dopingzondaars is hun specialiteit. Maar als de afweging moet worden gemaakt tussen extra-inkomsten en het welzijn van de renners wordt vlot voor het eerste gekozen. Panem et circenses, brood en spelen. Het moderne wielrennen evolueert al jaren in die richting. We maken ons geen illusies meer. Hoe verklaar je anders dat ze het peloton nu al na drie dagen op een vliegtuig zetten en een dag gedwongen rust opleggen? Het kan overigens niet anders, want het voetvolk moet in Italië geraken. Mecaniciens, verzorgers, journalisten,… Ze worden na de ritaankomst in Horsens voor een rit van 1475 kilometer de snelweg naar Verona opgejaagd. Belachelijk en gevaarlijk. De renners zelf zitten daarna twaalf dagen onafgebroken op een fiets alvorens nog eens een dag te kunnen rusten. Recupereren uitgesloten. Een regelrechte aanslag op het keurgild der gekromde ruggen.

Het ergste is dat de Giro die uitstap naar Denemarken niet nodig heeft, zelfs niet verdient. Integendeel. Het is een devaluatie van het aanzien van de misschien wel mooiste grote ronde op de wielerkalender. Nergens in Europa is het unieker koersen dan in Italië. Overal waar ze komen, bollen renners over vers asfalt en worden ze als koningen onthaald. Kleine, gezellige dorpen versierd met grote roze strikken. Dat is de Ronde van Italië! Uit protest weiger ik de eerste drie dagen te kijken. Ik kies voor snooker. Vanaf woensdag, als de Giro echt begint, luister ik met plezier naar de collega’s. Nu even niet.

(column verschenen in Het Nieuwsblad/Sportwereld van zondag 6 mei 2012)


Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 75.591 other followers